Wat zich tussen mensen afspeelt is vaak moeilijk te zeggen, laat staan bij een echtpaar en zeker als je ze niet hebt gekend en moet afgaan op anderen – die uiteraard hetzelfde probleem gehad hebben. Over het befaamde kunstenaarsechtpaar Hans Arp en Sophie Taeuber is inmiddels vaak geschreven, ook over hun onderlinge verhouding, en als ik het vanaf een afstand zou moeten samenvatten was er achtereenvolgens sprake van overgelukkige jaren waarin ze elkaars muzen waren; van intens samenwerken in een hoogst interessante tijd midden in een uiterst levendig netwerk van heel veel andere kunstenaars; en tot slot een derde periode, een van lange rouw bij Arp toen zijn vrouw in 1943 onverwacht overleed. Afgaande op hun werk leidt dat aanvankelijk tot kleurrijke, van levenslust sprankelende, modern sierlijke kunstwerken en daarna tot een oeuvre waarin een sombere of zelfs zwarte tijd zichtbaar wordt. Na 1943 had Arp tijd nodig om weer tot zichzelf te komen maar krabbelde ook weer op. Hoe hun gezamenlijke leven verliep blijft ongewis, maar hun kunstzinnige productiviteit was groot en inspirerend. Mede door de toegenomen aandacht voor vrouwelijke kunstenaars is er de laatste decennia gelukkig ook veel meer aandacht gekomen voor Sophie Taeuber en staat niet alles enkel in het teken van het werk van haar man.
Dit artikel is enkel voor abonnees
Om verder te lezen op poeziekrant.be:
- meld je aan als abonnee
- of neem een abonnement
- of koop dit artikel voor €3